Interview met Silvia Schön - "75 Jaar Vrijheid- Leven in de Grensregio"

  • Silvia Schön (59) woont sinds 30 jaar in de Duitse regio Niederrhein, waar ze bij een tandarts werkt. Ze is opgegroeid in de DDR.
  • Vlak voordat de Berlijnse Muur viel is Silvia met haar zoon naar het westen gevlucht.
  • Haar levensverhaal heeft ze in de roman ‘Kofferkinder’ verwerkt.

 

Het vluchten uit de DDR naar het westen wordt vaak beschreven als een ‘vlucht naar de vrijheid’. Wanneer voelde u zich in de DDR voor het eerst niet meer vrij? Kunt u zich een specifieke situatie herinneren?

Eén ding herinner ik me nog heel goed. Toen ik op de basisschool zat wilde ik één ding heel graag: een kerk vanbinnen zien. Maar ik mocht er niet naar binnen, omdat mijn vader politieagent was, en in de DDR mochten politieagenten niet openlijk een kerk aanhangen. Op een dag heb ik mijn lievelingsteddybeer gepakt en ben ik weggelopen, linea recta naar de kerk. Ik werd er gezien en mijn vader moest een officiële verklaring afleggen over wat zijn kind in de kerk te zoeken had. Daarna kwam hij naar me toe. “Silvia, je moet oppassen”, zei hij. En zo begon de tijd dat ik steeds over mijn schouder keek. Wie ziet me? Wie zou me kunnen verraden als ik iets fout doe? Dat gevoel bleef nog lang hangen, ook toen ik al lang in West-Duitsland woonde.

 

Waarom hebt u besloten om naar de vrijheid te vluchten?

Ik was betrokken bij ondergrondse activiteiten en heb politieke vluchtelingen geholpen om onder te duiken. Op een dag waarschuwde iemand me. Er zouden geruchten rondgaan dat ik op een lijst zou staan – samen met vele anderen die niet trouw waren aan het regime en naar interneringskampen gebracht zouden worden. “Je moet hier weg”, zeiden mijn kennissen. En ik besefte dat ik mijn zoon zou kunnen verliezen. De eerste vluchtpoging is mislukt, omdat ik onderweg opgehouden werd en niet op de afgesproken plek verscheen. Dat was achteraf gezien maar goed ook, omdat een aantal personen uit de groep waarbij ik me wilde aansluiten, is neergeschoten. Daarna was ik natuurlijk bang. Maar de angst om naar het interneringskamp te moeten en mijn zoon te verliezen, was groter. Bij de tweede poging is het uiteindelijk gelukt: via Hongarije zijn we in West-Duitsland beland.

 

U woont nu 30 jaar in de regio Niederrhein. Welke vrijheid zou u nu absoluut niet meer kunnen missen?

Vrijheid van meningsuiting is het meest waardevol. Ik mag zeggen wat ik denk. Misschien bots ik eens met iemand, misschien vindt iemand me wel eens onaardig. Maar ik hoef niet bang te zijn voor een gevangenisstraf omdat ik een andere mening heb. Bovendien kan ik nu gaan en staan waar ik wil: dat zou ik nooit meer anders willen. Ik hoef niet meer over mijn schouder te kijken, omdat ik weet dat ik niet bang hoef te zijn voor grote consequenties.

 

U weet uit eigen ervaring dat vrijheid niet vanzelfsprekend is. Wat moeten we volgens u doen om onze vrijheid te beschermen?

In het dagelijks leven, tijdens het werk, op school: iedereen zou onze vrijheid van meningsuiting moeten waarderen, zodat de geschiedenis zich niet herhaalt. Ik zou willen dat meer mensen uit durven te komen voor hun mening.